Opent in een nieuw tabblad

✓ Gespecialiseerd in maatwerk

✓ Uit voorraad leverbaar

✓ Technische productkennis

✓ Flexibele levering

CE op een branddeur: wat er op het plaatje staat en wat het waard is

Op de zijkant van een stalen branddeur zit een plaatje met een CE-teken, een certificaatnummer en een rij afkortingen. In de offerte staat EI2 60, in het bestek staat “brandwerend 60 minuten” en in de mail van de aannemer staat de vraag of de deur “gekeurd” is. Wat het CE-teken precies verklaart, en net zo belangrijk: wanneer die verklaring niet meer opgaat.

Het antwoord in kort

CE op een branddeur betekent dat de fabrikant de prestatie van dat deurtype heeft laten beproeven en verklaard volgens twee Europese normen: EN 16034:2014 voor brandwerendheid en rookwerendheid, en EN 14351-1:2006+A2:2016 voor de eigenschappen die een buitendeur moet hebben, zoals luchtdoorlatendheid, waterdichtheid en warmtedoorgang. Het is geen goedkeuring van het bouwwerk waarin de deur komt en ook geen keuring van de deur die net is geleverd; het is een verklaring over het type, onder voorwaarden.

Voor een deur op een vluchtroute met paniek- of nooduitgangbeslag geldt de zwaarste beoordelingsvorm, systeem 1. De fabrikant moet dan een certificaat van prestatiebestendigheid van een aangemelde instantie hebben. Voor Ninz zijn dat de certificaten 1404-CPR-3734 en 1404-CPR-3735. Die nummers staan op het plaatje op de deur.

En het venijn zit in de voorwaarden: de verklaarde waarden gelden alleen als de deur wordt gemonteerd zoals bij de beproeving. Wordt de kierdichting weggelaten of het kozijn niet volgeschuimd, dan is de deur nog steeds dezelfde deur, maar de verklaring dekt hem niet meer.

Twee normen, twee soorten prestaties

Norm Waarover Wat er verklaard wordt
EN 16034:2014 Brand en rook Brandwerendheid (bijvoorbeeld EI2 60), rookwerendheid (Sa of S200), zelfsluitendheid, duurzaamheid van de zelfsluitendheid
EN 14351-1:2006+A2:2016 Buitendeuren algemeen Luchtdoorlatendheid, waterdichtheid, warmtedoorgang, geluid, weerstand tegen windbelasting

In de prestatietabel van de fabrikant staat bij een aantal regels N.P.D. Dat betekent dat voor dat kenmerk geen prestatie is verklaard. Niet dat de deur het niet kan, wel dat er niets over is beproefd en dat er dus niets op mag worden gebaseerd. Wie een geluidseis of een warmte-eis heeft, moet dus kijken of daar een getal staat of N.P.D.

Twee voorbeelden uit de tabel van de Univer buitendeur EI2 60: de zelfsluitendheid is klasse C, de duurzaamheid daarvan is 0 in de standaarduitvoering en 5 in de uitvoering C5, de luchtdoorlatendheid is klasse 2, de waterdichtheid 2A en de warmtedoorgang 1,49 W/m2K. In de rookwerende uitvoering staan luchtdoorlatendheid en waterdichtheid juist op N.P.D. en is de rookwerendheid Sa en S200 verklaard. Eén deur kan dus niet tegelijk alles zijn: de uitvoering bepaalt welke prestaties verklaard zijn.

Binnendeuren hebben nog geen CE

Voetgangersbinnendeuren vallen nog niet onder de CE-plicht, omdat de norm die daarvoor is bedoeld, EN 14351-2, nog niet van kracht is. Dat is geen gat in de kwaliteit: de brandwerendheid van een binnendeur wordt gewoon beproefd volgens EN 1634-1 en, in het land van de fabrikant, UNI 9723, en geclassificeerd volgens EN 13501-2. Alleen de CE-markering met het volledige prestatieblad hoort bij de buitendeur. De fabrikant kan de eigenschappen van een binnendeur wel volgens dezelfde normen classificeren, bijvoorbeeld luchtdoorlatendheid volgens EN 1026:2001 en warmtedoorgang volgens EN ISO 10077-1 en -2.

Praktisch: staat er in het bestek “CE-gemarkeerde branddeur” terwijl het om een binnendeur in een compartimenteringswand gaat, dan is dat een eis die de norm zelf nog niet stelt. Vraag na of de opsteller de brandklasse volgens EN 13501-2 bedoelt.

Rookwerendheid: Sa en S200

Rookwerendheid is een aparte prestatie naast brandwerendheid, met een eigen beproeving volgens EN 1634-3 en een eigen classificatie volgens EN 13501-2. Sa gaat over de lekkage bij kamertemperatuur, S200 over de lekkage bij kamertemperatuur én bij 200 graden. De grens is een lekkage van maximaal 20 m3 per uur bij een enkele deur en 30 m3 per uur bij een dubbele deur, gemeten tot een drukverschil van 50 pascal.

Rookwerendheid komt niet vanzelf mee. Bij Ninz is het een uitvoering met verplichte toebehoren: een rubber kierdichting rondom en een automatische valdorpel, bij een dubbele deur twee valdorpels. De uitvoering C5, met 200.000 cycli duurzaamheid, vraagt bovendien een deurdranger per vleugel.

Wanneer de verklaring vervalt

De prestaties in de tabel gelden alleen als de deur wordt gemonteerd zoals hij is beproefd. De fabrikant noemt daarbij:

Een onderdorpel in het kozijn. Bij een deur op een vluchtroute moet de vloer aan de duwzijde zo worden opgehoogd dat het hoogteverschil met de dorpel volledig is weggewerkt.

Het kozijn geïsoleerd vullen. Het kozijn wordt volgeschuimd met PU-schuim of volgezet met cementmortel. Een leeg kozijn is geen beproefd kozijn.

Kierdichting rondom. Rubber dichtingen langs de hele omtrek van het kozijn en, bij dubbele deuren, ook in de middensponning.

De omtrek afkitten. De rand van het kozijn wordt aan de duwzijde afgekit met neutraal uithardende siliconenkit.

Bij een deur met venster: brandwerende beglazing in de beproefde maat, bij de buitendeur 300 x 400 mm.

Daar komt de algemene regel bij die de fabrikant voor al zijn producten stelt: monteren doet een vakman, met de meegeleverde onderdelen, volgens het montage- en onderhoudsboek; alleen de aanpassingen die in dat boek staan zijn toegestaan, en bij onderhoud of reparatie horen originele onderdelen. Dat klinkt als een standaardvrijwaring, maar het is de reden dat de deur straks doet wat op het plaatje staat.

De losse onderdelen hebben hun eigen markering

Een branddeur is een samengesteld product en het beslag draagt zijn eigen normen. Paniekbeslag met een horizontale stang valt onder EN 1125:2008, nooduitgangbeslag met een kruk of drukplaat onder EN 179:2008. Deurdrangers vallen onder EN 1154, sluitvolgorderegelaars onder EN 1158, en de rook- en warmtemelder die een kleefmagneet loslaat onder EN 54-7. Voor de mechanische sterkte van het deurblad zelf hanteert de fabrikant EN 1192:2002, met beproeving volgens EN 947 tot en met EN 950; de Univer EI2 60 dubbele deur haalt daarin klasse 4 voor verticale belasting, statische torsie en zachte stootbelasting, en klasse 3 voor harde stootbelasting.

Belangrijk bij het combineren: beslag mag niet worden toegepast op een deur met een hogere brandwerendheid dan waarvoor het beslag zelf is beoordeeld. Een paniekstang die tot EI2 60 is goedgekeurd, hoort niet op een EI2 120-deur.

Wat je aan de leverancier vraagt

Vraag niet “is deze deur gekeurd”, maar vraag om drie dingen: de brandklasse volgens EN 13501-2, het certificaatnummer dat bij die uitvoering hoort, en de montagevoorwaarden waaronder die klasse geldt. Die drie samen zijn wat de fabrikant kan waarmaken. Wat een gebouwbeheerder of verzekeraar daarnaast eist aan periodieke controle staat daar los van; hoe de deur onderhouden hoort te worden staat in branddeuren en paniekbeslag onderhouden.

De brandklassen zelf staan uitgelegd in brandklassen E, EI2 en REI uitgelegd. Welk kozijn bij welke wand hoort, en hoe de montagemethode de prestatie beïnvloedt, staat in welk kozijn bij welke wand. De deuren zelf staan bij branddeuren.

Twijfel of een uitvoering aan de eis voldoet? Stuur de eis uit het bestek mee met de offerteaanvraag; Witteburg zoekt de bijbehorende uitvoering en het certificaat erbij.

Gerelateerde berichten